Bestel vóór 10:00 | Dezelfde dag verzondenLabgeteste kwaliteit
4.8 · 17,382 geverifieerde beoordelingen

Endocannabinoïde systeem: receptoren, liganden en enzymen

Still life with a Cibdol product introducing The Endocannabinoid System: Receptors, Ligands, and Enzymes
Cibdol · Endocannabinoïde systeem: receptoren, liganden en enzymen

Definition

Het endocannabinoïde systeem is de verzamelnaam voor drie soorten moleculen die los van elkaar zijn beschreven: receptoren, lichaamseigen liganden en de enzymen die die liganden afbreken. CB1 is in 1990 gekloond, CB2 in 1993 gekarakteriseerd. Anandamide en 2-AG zijn de twee liganden waarover het meeste op papier staat.

Een reactie onder een video, twee regels lang. Iemand schrijft dat het lichaam zijn eigen cannabinoïden maakt, iemand anders vraagt waar dat dan staat. Dat is een terechte vraag. Het antwoord zit in vier publicaties uit de jaren negentig, en het gaat over drie soorten moleculen: receptoren, lichaamseigen liganden en enzymen.

Drie soorten moleculen, één vocabulaire

Receptoren met een nummer

Een receptor is een eiwit waaraan een ander molecuul bindt. In dit systeem zijn er twee die het best beschreven staan. CB1 is de eerste die is gekloond, in 1990 [1]. De plaats die daarbij hoort: vooral het centrale zenuwstelsel, verdeeld over veel hersengebieden. CB2 kwam in 1993 op papier [2], gekarakteriseerd als perifere receptor, met immuunweefsel en cellen buiten het centrale zenuwstelsel als belangrijkste associatie. Samen zijn CB1 en CB2 de best gekarakteriseerde receptoren van dit systeem. Het volledige plaatje leveren ze niet, en zo staat het ook in de literatuur.

Lichaamseigen moleculen, en wat ze afbreekt

Een ligand is het molecuul dat aan zo'n receptor bindt. Lichaamseigen betekent hier dat het lichaam het zelf maakt, en dus niet dat het uit plantmateriaal komt. Twee daarvan staan vooraan: anandamide is als eerste geïsoleerd [3], 2-AG als tweede [4]. Dan de derde rubriek, de enzymen. Bij anandamide staat vetzuuramidehydrolase als hoofdroute voor de afbraak genoteerd, bij 2-AG monoacylglycerollipase. Drie rubrieken dus, elk met eigen publicaties en eigen jaartallen. Wie ze door elkaar haalt, houdt een verhaal over waarvan de helft niet in een bron terug te vinden is. Vandaar deze volgorde: eerst de receptoren, dan de liganden, dan de enzymen.

Het gat tussen plantchemie en biologie

De scheikunde van de plant lag eerder vast dan de biologie eromheen. Onderzoekers wisten al veel over de moleculen in het plantmateriaal, terwijl nog niet in kaart was gebracht waar die moleculen in het lichaam binden. Dat verschil bleef lang staan. In de eerste helft van de jaren negentig is het gedicht, en de publicaties die de kern van dit onderwerp vastleggen verschenen tussen 1990 en 1995: eerst een receptor, dan een lichaamseigen ligand, dan een tweede receptor, dan een tweede ligand. Die volgorde verklaart waarom ouder materiaal over hennep het woord receptor nauwelijks noemt en nieuwer materiaal er niet meer buitenom kan.

1990: een gekloonde sequentie in cellen

De publicatie van Matsuda en collega's uit 1990 legde twee dingen naast elkaar [1]. De cannabinoïdereceptor was gekloond, en de gekloonde sequentie was in cellen tot expressie gebracht. Dat tweede deel maakt het verschil. Vanaf dat moment ging het om een moleculair doelwit dat rechtstreeks te meten was, en niet om een aanname die uit indirecte metingen was afgeleid. De receptor kreeg de naam CB1. Die naam is scheikundig van herkomst en niet commercieel: hij verwijst naar de cannabinoïden uit de plant waarmee dat onderzoek begon. De latere publicaties konden zich daarna op een vastgelegd eiwit richten, met een naam en een sequentie.

Een tweede receptor, buiten het zenuwstelsel

In 1993 verscheen de moleculaire karakterisering van een tweede receptor voor cannabinoïden, van Munro en collega's [2]. De beschrijving die daarbij hoort is perifeer, niet centraal. De associatie loopt via immuunweefsel. Perifeer betekent in dit verband: buiten het centrale zenuwstelsel, dus buiten hersenen en ruggenmerg. Deze receptor kreeg de naam CB2.

De consequentie daarvan is groter dan één extra naam in een lijstje. Zolang alleen CB1 op papier stond, lag de aandacht bij hersenweefsel, want daar was de eerste receptor gevonden. Met CB2 erbij was duidelijk dat dit systeem niet tot de hersenen beperkt is. Immuunweefsel en cellen buiten het centrale zenuwstelsel staan sindsdien in dezelfde beschrijving, naast de hersengebieden waar CB1 vooral zit.

Twee receptoren, twee locatiebeschrijvingen, twee jaartallen. CB1 in 1990, CB2 in 1993. Ze blijven de twee waarover het meeste vastligt, en precies daarom is het zinvol om er meteen bij te zeggen dat de indeling met deze twee niet is afgerond. Dat is geen voorbehoud dat later is toegevoegd, maar iets wat in de literatuur zelf zo wordt aangehouden.

De twee bekendste lichaamseigen liganden

Anandamide, geïsoleerd in 1992

Devane en collega's beschreven in 1992 een bestanddeel uit hersenweefsel dat aan de cannabinoïdereceptor bond [3]. Het ging om een molecuul dat het lichaam zelf maakt, dus om een lichaamseigen ligand. De naam anandamide kwam later, afgeleid van het Sanskrietwoord ananda. Daarmee stond er voor het eerst een lichaamseigen molecuul naast de gekloonde receptor uit 1990. Anandamide is het eerste geïsoleerde lichaamseigen ligand in deze reeks, en die plek in de volgorde wordt sindsdien consequent zo genoteerd.

2-AG, beschreven in 1995

In 1995 kwam het tweede. Sugiura en collega's beschreven 2-arachidonoylglycerol, kort 2-AG, als verdere kandidaat voor een lichaamseigen ligand van de cannabinoïdereceptor [4]. Het materiaal was hersenweefsel. Het woord kandidaat staat er niet voor sier: dat is de formulering die bij deze publicatie hoort. In de rubriek lichaamseigen liganden staan anandamide en 2-AG sindsdien vooraan, in die volgorde van isolatie, eerst 1992 en dan 1995. Buiten dit tweetal zijn er verdere kandidaat-liganden en enzymen die nog in karakterisering zijn. Dat deel van de lijst is dus open, en het staat in de literatuur ook als open beschreven.

Wat er daarna met die moleculen gebeurt

Een enzym is een eiwit dat een scheikundige omzetting op zich neemt. Bij deze twee liganden gaat het om afbraak, en per ligand staat er een andere naam genoteerd. Anandamide loopt via vetzuuramidehydrolase als hoofdroute. 2-AG loopt via monoacylglycerollipase, ook als hoofdroute. Twee moleculen, twee namen, geen uitwisseling tussen de twee kolommen.

Het woord hoofdroute doet daar redelijk veel werk. Het zegt dat dit de belangrijkste beschreven route is, en niet dat het de enige mogelijke is. Dat onderscheid komt vaker terug in dit onderwerp: er staat wat is vastgelegd, en er staat bij hoe hard dat is vastgelegd. Wie zoiets samenvat als één enzym voor alles, laat dat voorbehoud vallen.

Met deze twee enzymen is de derde rubriek nog niet compleet. Naast anandamide en 2-AG zijn er verdere kandidaat-liganden, en daarnaast enzymen die nog in karakterisering zijn. Zo ziet de stand van zaken eruit: twee receptoren die goed gekarakteriseerd zijn, twee liganden die als eerste en tweede zijn geïsoleerd, twee afbraakroutes met een naam, en daarbuiten een deel dat nog niet is afgesloten. Die vier regels dekken het grootste deel van wat er over de bouw van dit systeem hard vastligt.

GPR55 en de rand van de indeling

Er is nog een naam die in dit verband terugkomt: GPR55. Dat is een G-proteïnegekoppelde receptor met de aanduiding orphan, oftewel weesreceptor. Die aanduiding betekent dat zijn natuurlijke signaalpartner niet stevig is vastgesteld. Onderzoekers hebben GPR55 ook in dit kader bekeken, maar het voorstel om hem bij de cannabinoïdereceptoren te scharen is betwist. Een formele indeling als cannabinoïdereceptor heeft GPR55 niet.

Dat is een ander soort gegeven dan de kloneringsstap van 1990. Handig om te weten als je twee bronnen naast elkaar legt en de ene wel drie receptoren noemt en de andere twee. Termen die vlak naast dit onderwerp liggen, gaan trouwens over iets anders: terpenen en cannabigerol olie horen bij het plantmateriaal en de analyse per charge, superkritische CO2-extractie beschrijft hoe een extract wordt gemaakt, en cbd wetgeving hoort in een juridische rubriek. Bij Cibdol, sinds 2014 met cannabinoïden bezig, staat het meetbare deel in de chargedocumentatie met certificaten van externe laboratoria: noem wat meetbaar is en laat de meting zien. De receptornamen hierboven zeggen niets over de inhoud van een flesje.

  • CB1: eerste gekloonde cannabinoïdereceptor, 1990, vooral in het centrale zenuwstelsel en verdeeld over veel hersengebieden [1]
  • CB2: in 1993 gekarakteriseerd als perifere receptor, met immuunweefsel en cellen buiten het centrale zenuwstelsel als associatie [2]
  • Anandamide: als eerste geïsoleerde lichaamseigen ligand, naam afgeleid van het Sanskrietwoord ananda [3]
  • 2-AG: als tweede beschreven, 2-arachidonoylglycerol, uit hersenweefsel [4]
  • Afbraak: vetzuuramidehydrolase bij anandamide, monoacylglycerollipase bij 2-AG, in beide gevallen als hoofdroute
  • GPR55: weesreceptor zonder vastgestelde natuurlijke signaalpartner, betwist voorstel, geen formele indeling als cannabinoïdereceptor
  • Nog open: verdere kandidaat-liganden en enzymen die in karakterisering zijn

Veelgestelde vragen

Wat is een ligand in dit verband?
Een ligand is het molecuul dat aan een receptor bindt. Lichaamseigen ligand betekent dat het lichaam dat molecuul zelf maakt. In dit systeem staan er twee vooraan: anandamide, dat als eerste is geïsoleerd, en 2-AG, dat als tweede is beschreven. Daarnaast zijn er verdere kandidaat-liganden die nog in karakterisering zijn.
Waarom draagt CB1 de naam cannabinoïdereceptor?
Die naam komt uit de scheikunde en niet uit de marketing. De receptor die in 1990 werd gekloond, kreeg de aanduiding cannabinoïdereceptor omdat het onderzoek bij de cannabinoïden uit de plant begon. In diezelfde publicatie is de gekloonde sequentie in cellen tot expressie gebracht, waarmee het om een meetbaar moleculair doelwit ging en niet om een aanname.
In welke weefsels zijn CB1 en CB2 beschreven?
Bij CB1 hoort vooral het centrale zenuwstelsel, verdeeld over veel hersengebieden. Bij CB2, in 1993 gekarakteriseerd als perifere receptor, hoort de associatie met immuunweefsel en met cellen buiten het centrale zenuwstelsel. Die tweede beschrijving maakte duidelijk dat het systeem niet tot de hersenen beperkt is.
Welke enzymen staan bij anandamide en 2-AG genoteerd?
Bij anandamide staat vetzuuramidehydrolase genoteerd als belangrijkste route voor de afbraak. Bij 2-AG is dat monoacylglycerollipase, ook als hoofdroute. Elk ligand heeft dus zijn eigen naam in die kolom. Het woord hoofdroute geeft aan dat dit de belangrijkste beschreven route is, en niet dat het de enige mogelijke is.

Over dit artikel

Luke Sholl schrijft sinds 2011 over cannabinoïden, CBD en de bredere voordelen van de natuur. Zijn achtergrond omvat praktijkervaring met de cannabisteelt gedurende de volledige cyclus van zaad tot oogst, zowel in aarde

Dit wiki-artikel is opgesteld met hulp van AI en gecontroleerd door Luke Sholl, Schrijver over CBD en welzijn. Redactioneel toezicht door Joshua Askew.

Redactionele normenAI-gebruiksbeleid

Medische disclaimer. Deze inhoud is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen medisch advies. Raadpleeg een gekwalificeerde zorgverlener voordat je een stof gebruikt.

Laatst beoordeeld op 26 augustus 2026

Referenties (4)

  1. [1]Matsuda et al. (1990). Structure of a cannabinoid receptor and functional expression of the cloned cDNA. DOI: https://doi.org/10.1038/346561a0
  2. [2]Munro et al. (1993). Molecular characterization of a peripheral receptor for cannabinoids. DOI: https://doi.org/10.1038/365061a0
  3. [3]Devane et al. (1992). Isolation and structure of a brain constituent that binds to the cannabinoid receptor. DOI: https://doi.org/10.1126/science.1470919
  4. [4]Sugiura et al. (1995). 2-Arachidonoylglycerol: a possible endogenous cannabinoid receptor ligand in brain. DOI: https://doi.org/10.1006/bbrc.1995.2437

Fout gezien? Neem contact met ons op

Gerelateerde artikelen

Still life with a Cibdol product introducing Does CBG Make You Sleepy
cluster

Word je slaperig van CBG?

De bewering over CBG en slaperigheid wordt breed herhaald, maar een publicatie die haar vastlegt, ontbreekt. Wat er wel ligt, is een review uit 2021 die receptoren in kaart brengt [1].

Still life with a Cibdol product introducing THCA vs THC: One Carboxyl Group
cluster

THCA en THC: één carboxylgroep verschil

Eén carboxylgroep scheidt THCA van THC. Wat er in de plant zit, wat decarboxylatie verandert en waarom dezelfde plant twee cijfers kan opleveren.

Still life with a Cibdol product introducing What Is Broad Spectrum CBD
cluster

Broad spectrum CBD: wat de term vastlegt

Broad spectrum, full spectrum en isolaat beschrijven de samenstelling van een extract, niet een meetuitslag. Wat je per flesje echt kunt narekenen, staat in de onafhankelijke analyse van die charge.

Still life with a Cibdol product introducing What Is THCP
cluster

Wat is THCP? De cannabinoïde uit 2019

Tetrahydrocannabiforol werd in 2019 beschreven door de onderzoeksgroep onder leiding van Cinzia Citti. Wat er op papier staat: een zijketen van zeven koolstofatomen, een zure vorm en één set metingen aan de CB1-receptor.

Still life with a Cibdol product introducing What CBD Research Actually Covers
cluster

Waar CBD-onderzoek precies over gaat

Vier publicaties, vier soorten gegevens: farmacokinetiek uit 2018, een verdraagbaarheidsoverzicht uit 2017, een labmeting uit 2005 en placebo en nocebo uit 2020. Wat ze vastleggen, en waar de gegevens ophouden.

Still life with a Cibdol product introducing Serotonin: What It Is, Where It Lives
cluster

Serotonine, 5-HT en zeven receptorfamilies

Van scheikundige naam naar receptornotatie, en van receptornotatie naar één in-vitrorapport uit 2005. Wat daar precies in staat, en waar de zin ophoudt.

Still life with a Cibdol product introducing PEA (Palmitoylethanolamide): Anandamide's Chemical Relative
cluster

PEA (palmitoylethanolamide): scheikundige verwant van anandamide

Palmitoylethanolamide en anandamide horen bij dezelfde scheikundige familie en verdwijnen via dezelfde soort reactie. Wat daaruit volgt voor de indeling, en wat niet.

Still life with a Cibdol product introducing How the Endocannabinoid System Was Discovered
cluster

Hoe het endocannabinoïde systeem is ontdekt

Eerst het plantmolecuul, daarna de receptor, en pas als laatste de moleculen die het lichaam zelf aanmaakt. De jaartallen achter die omgekeerde volgorde, met de publicaties erbij.

Still life with a Cibdol product introducing What Is Clinical Endocannabinoid Deficiency (CECD)?
cluster

CECD: klinisch endocannabinoïde tekort als hypothese

Een naam die klinkt als een uitslag, maar hoort bij een voorstel. Wat er over CECD daadwerkelijk op papier staat, en wat de literatuur eromheen open laat.